Lopen doen we op de automatische piloot.
De grond. De lucht. De geuren. De geluiden.
Ze passeren. Nauwelijks opgemerkt.
Een moment om te vertragen.
Wat hoor je in de verte?
Wat hoor je dichterbij?
Een vrachtwagen op de snelweg. Een vogel die fluit.
De buurman die de zwaartekracht test.
Welk geluid is het dichtst bij jou?
Kijk om je heen.
Wat zie je in de verte?
Wat zie je naast je?
Een bloem. Een muur. Je geduld?
Welke details trekken je aandacht?
De wereld beweegt.
En jij ook.
De ene voet voor de andere.
Wat voel je op je huid?
Je kleren? Een briesje? Zweet?
Of geen van allen?
En onder je voeten?
Een kiezelsteen? Gras? De grond?
De zolen van je schoenen?
Adem in.
De lucht vult je longen.
En ontsnapt op de uitademing.
Gedachten gaan hun gang.
Leiden ze je af?
Een boodschappenlijst die zich herhaalt?
Laat ze zijn.
EN
NL
ES